| wo mei 30 @19:15 - 09:30 Wat komt er op ons af |
| di juni 05 @19:15 - 09:30 Wat komt er op ons af |
| vr juni 08 @13:00 - 05:00 Informatiemiddag voor familiementoren, -bewindvoerders en -curatoren |
Eten en drinken is een primaire levensbehoefte, maar ook een sociale aangelegenheid. Bij sommige kinderen gaat het eten en drinken niet zonder problemen.
Signalen dat er iets mis gaat met eten/drinken
Het kind:
- morst veel
- verslikt zich (hoesten / loopt blauw aan)
- krijgt onvoldoende binnen/groeit niet goed
- krijgt het zuigen niet op gang
- kokhalst
- gaat huilen/afweer
- accepteert de lepel niet bij/in zijn mond
- heeft moeite met transport van de voeding in de mond
- spuugt
- heeft problemen met kauwen
- wil niet eten bij overgang naar een volgende voedingsfase (bijv. van fles naar lepel)
Om te voorkomen dat eet-/drinkproblematiek verergert, is het van groot belang dat het eten/drinken goed geobserveerd wordt door een prelogopedist die ouders/verzorgers hierin kan begeleiden. Eten en drinken moet aangenaam zijn voor zowel het kind als ouders/verzorgers. Een prelogopedist beoordeelt of er sprake is van een technisch eet-/drinkprobleem. De eet- en drinkproblematiek kan ook veroorzaakt worden door medische problematiek, gedragsmatig problematiek of een combinatie van genoemde problematiek. Aan de hand hiervan worden ouders/verzorgers begeleid om het eten/drinken bij hun kind zo veilig en plezierig mogelijk te laten verlopen. Dit in samenwerking met eventueel een kinderarts, diëtist, fysiotherapeut en/of psychologe/orthopedagoge. Hieronder staan enkele voorbeelden van verschillende eet-/drinkproblemen.
Voorbeelden mogelijke problemen met de fles
0 - ±3 maanden:
* Kinderen drinken reflexmatig. Zuigen, slikken en ademen moeten goed gecoördineerd worden. Wanneer dit niet goed gaat, zal het kind zich gaan verslikken of gaan morsen.
Eventuele adviezen kunnen zijn:
- verandering van houding.
- verandering consistentie voeding.
- verandering duur voeding.
- gebruik van ander materiaal (het veranderen van materiaal, zoals een groter gat knippen in de speen, kan zeer risicovol zijn. Hierdoor kan het kind zich verslikken en heeft het kans op een longontsteking).
* Het kind wordt niet uit zichzelf wakker voor de flesvoeding. Het kind heeft geen goede voorwaarden om uit de fles te drinken. Als het wakker wordt voor de fles, drinkt het onvoldoende en valt dan in slaap. Er is duidelijk sprake van een medisch/conditioneel probleem.
Een advies kan zijn:
- Geen fles aanbieden als het kind niet goed wakker wordt voor de fles (sondevoeding geven)
- De ene voedingstijd sondevoeding geven, de andere voedingstijd fles/borst aanbieden. Als het goed is heeft het kind dan meer energie voor de fles/borst die wel aangeboden wordt. Er is dan sprake van een goede oefening.
±3 maanden en ouder:
* De reflexen voor het zuigen doven uit en het kind heeft moeite om willekeurig te zuigen uit de fles. Een eventueel advies zou kunnen zijn:
- vervroegde overgang naar lepelvoeding (indien dit medisch gezien ook mag).
Voorbeeld probleem met kauwen
* Het kind heeft moeite met afhappen en kauwen. Mogelijk advies kan zijn:
- Het kind is nog niet toe aan kauwen, dit is nog een stap te ver gezien zijn algehele motorische ontwikkeling (kan bijv. nog niet zelfstandig zitten). Met vast voedsel kan beter nog even worden gewacht.
- Andere voeding.
- Andere manier van aanbieden.
- Andere hoofdhouding.
Voorbeeld probleem prikkelverwerking bij lepelvoeding
* Het kind heeft moeite met de prikkelverwerking en accepteert de lepel niet in zijn/haar mond. Een eventueel advies zou kunnen zijn:
- werken aan de acceptatie van prikkels over het hele lichaam
- opbouw van acceptatie van prikkels in en rond de mond
- verandering van houding tijdens het aanbieden van de prikkels
Hierbij moet rekening gehouden worden dat een probleem met prikkelverwerking vaak een onderliggende oorzaak (lichamelijk/voorgeschiedenis eten) heeft.
Om eet- en drinkproblematiek inzichtelijk te maken is het belangrijk naar alle facetten te kijken die bij het eten en drinken van het kind een rol spelen of hebben gespeeld. Dit houdt in dat medische situatie, (motorische) ontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling en de hele (medische) voorgeschiedenis niet los kunnen worden gezien van de eet- en drinkproblematiek. Om de eet- en drinkproblematiek in kaart te brengen, is het belangrijk de hulp van een professional in te schakelen.
Wanneer er niet vroegtijdig goed gehandeld wordt bij eet- en drinkproblematiek kan dit de problematiek verergeren. Tevens kunnen prikkelverwerkingsproblemen en/of gedragsproblemen omtrent het eten en drinken ontstaan of verergeren. Indien dit het geval is, zal de pre-logopedist samenwerken met andere disciplines.
Tot slot:
kwaliteit gaat boven kwantiteit. Eten en drinken moet plezierig en veilig zijn.